In de weidse polders van Stalhille beschikken Vincent en Eloïse over grote weiden en de nodige infrastructuur om de veulens en jonge dieren (tot 3 jaar) in opfok te stallen.

Hier krijgen ze heel wat loopruimte en door het nauw contact met de andere dieren leren ze hun sociale vaardigheden te ontwikkelen. Die hebben ze immers hard nodig om een goed rijpaard te worden.

Van zodra ze drie jaar zijn, verhuizen ze naar Tielt en worden ze daar zadelmak gemaakt.